Doel bereikt, we zijn thuis, de motor en ik. Het is nu 4 uur later dan het moment dat ik thuiskwam en we hebben al met het gezin gezellig thuis gegeten en zijn naar de training van de zoon geweest. Geen dag van interessante stops of leuke gesprekken onderweg maar rijden om thuis te geraken.
Ik sta pas op om 7u10 en dat is de bedoeling. Aangezien het weerbericht de ganse dag regen voorspelt wil ik goed uitgerust aan de rit beginnen. 510 kilometer is er af te leggen en dat valt op zich nog mee want dag 1 heb ik er dik 600 gedaan maar dat was anders. Dat was namelijk de start van de trip vooraleer ik al ettelijke duizenden kilometers op de teller heb gezet.
Ik heb echt heel goed geslapen en dat was broodnodig na wat mindere nachten. Liefst van al zou ik nog wat blijven liggen maar ik moet ergens zijn.
Het is 8u30 wanneer ik klaar ben om te vertrekken en de gastvrouw en gastheer me voor de tweede keer vragen of ik toch niet een tas koffie wil drinken nadat ik een eerste keer beleefd had bedankt daarvoor.
Ik ga nu wel op het aanbod in en we zetten ons gezellig aan de keukentafel waar we, voor ik er erg in heb, nog 40 minuten leuteren. Ik dank hen van harte voor de gastvrijheid en die was eerlijk waar niet min. Ik had een topverblijf met vers fruit op de tafel, leuke gesprekken en mijn motor kreeg een droge en veilige plaats in één van hun hallen. Die hal daar links van de fruitkisten is het.

Die motor stond intussen al even klaar voor de deur om de bagage op te installeren. Het blijft toch een beest he 😉

Na de boel opgeladen te hebben was het 9u15 en ging ik op zoek naar de autosnelweg. Ik moest de A1 hebben naar Bremen en die lag 50 kilometer verder over secundaire wegen doorheen agrarisch landschap. Het is 17°C en het is aangenaam rijden wanneer ik vlak voor de A1 stop om mijn oordoppen in te doen en alles goed toe te ritsen. Er is nog geen regen in zicht, in tegenstelling tot de weerberichten, maar je weet maar nooit.

Alles gaat supervlot tot net voor Bremen, de gps geeft net 4 kilometer aan vertraagd verkeer aan wanneer de remlichten en knipperlichten voor me aangaan. Een Deen die van rechts wil invoegen doet dat wanneer mijn voorwiel zich ter hoogte van zijn achterbumper bevindt. Even hard remmen en nog harder claxonneren.
De gastvrouw had het er deze morgen nog over. Ze ergert zich aan het rijgedrag van Denen, vooral als ze met een caravan onderweg zijn. Die mensen kunnen niet rijden zegt ze. Ik ga haar gelijk moeten geven, gisteren ook al in Denemarken 3 keer vol in de ankers kunnen gaan omdat een Deense tegenligger die aan het voorbijsteken was het niet haalde en ik niet zoals een eland door de voorruit wilde eindigen. Bij nummer 3 haalde ik trouwens uit met mijn vuist naar zijn spiegel maar ik heb gemist :(.
Na mijn geclaxonneer maakt hij zich snel uit de voeten wanneer het vertraagd verkeer weer op gang komt. Laat gaan denk ik, thuis raken, dat is belangrijk.
Van het weer heb ik totnogtoe geen klagen. Geen regen, alleen geregeld donkere wolken. Het is een spelletje geworden van zonnevizier naar beneden, zonnevizier naar boven en weer naar beneden en weer naar boven.
Alles gaat vlot en buiten een plaspauze hou ik geen halt tot de middag. Dan ga ik in Ladbergen eraf en ga een stukje van de autosnelweg tanken. Mij heb je niet meer denk ik, de vorige keer dat ik in zo’n tankstation vlak naast de autosnelweg ging tanken heb ik ver over de 2 euro per liter betaald. Nu, in een tankstation van dezelfde keten 1 euro 67 cent. Met het bespaarde geld kan er wel een kebabke vanaf denk ik en ik rij het centrum in en vind er een grillroom en bestel er een Doner Tasche en een cola.

Ik geef het toe, die van Aydin in Hasselt zijn veel beter maar voor 10 euro had ik gegeten en gedronken. Mijn winst van het tanken was goed besteed.
Wanneer ik wil vertrekken begint het net te regenen maar tegen wanneer ik terug op de motor zit is het alweer gedaan. Weeral ontsnapt denk ik maar helaas, wat verder op de autosnelweg heb ik prijs. Een goede bui waarbij de vrachtwagens zoveel water opwerpen dat het zicht echt slecht wordt.
Ik heb deze morgen nog mijn bandenslijtage gecontroleerd en de indicator van de achterband zat op een fractie van een millimeter van het loopvlak. Hij zal nog wel genoeg water kunnen afvoeren maar liever voorzichtig denk ik. Ik hou me aan de rechterkant aan een lagere snelheid.
Het regent af en aan tot ik mag afdraaien richting Venlo. Geen echt spannende voorvallen meer buiten een bestelwagen met oververhitte motor waar een wolk damp uitkwam om u tegen te zeggen, stukken klapband van een vrachtwagen die wat verderop op de pechstrook stond en een file van 15 kilometer lang omdat er iemand met zijn bestelwagen in panne was gevallen op de linkse rijstrook. Die laatste gelukkig niet in mijn rijrichting.
In Venlo is het een tijdje aanschuiven om op de ringweg te geraken maar daar eens voorbij is het een vlotte maar natte rit tot Houthalen.
Ik dacht dat ik zonder al te veel lawaai de oprit was opgedraaid en vrouw en kind kon verrassen met mijn thuiskomst. Ze hadden me echter gehoord en stonden al snel op de oprit om me terug te verwelkomen.
Ik heb me de hele reis niet eenzaam of alleen gevoeld maar de knuffels deden wel ferm deugd.